Trauma-geïnformeerde klassen: waarom ze belangrijk zijn en hoe je een trauma-geïnformeerde leraar kunt worden – Deel 2 (English below)

Afgelopen week hebben we vooral gekeken naar het belang van trauma-geïnformeerd onderwijs dat rekening houdt met uiteenlopende triggers, bronnen van toxische stress, ACEs en traumatische gebeurtenissen. Deze week vestigen we de aandacht op hoe het brein en het zenuwstelsel reageren op die verschillende triggers en hoe een trauma-geïnformeerde onderwijssetting en leraar eruitzien. Door heel dit blog heen vind je diverse informatiebronnen die je de mogelijkheid geven om jezelf verder bij te scholen over dit belangrijke onderwerp.

De wetenschap over gezonde hersenontwikkeling
De hersenen zijn een uiterst sociaal orgaan, verbonden met de rest van ons lichaam: chemische stoffen in het brein en onze emoties zijn voortdurend met elkaar in interactie en creëren elkaar over en weer. Onze gemoedstoestand, onze ontvankelijkheid voor leerprocessen, onze vaardigheid om ons gedrag te reguleren… al dit soort zaken worden door deze interactie aangestuurd. Iedere keer dat het brein een situatie als bedreigend of onvoorspelbaar ervaart, geeft het stresshormonen af. Niet alle stress is toxisch; sommige vormen van stress zijn positief (zoals de stress die je ervaart als je een vakantie aan het plannen bent), sommige vormen zijn draaglijk (zoals de stress van een ernstige ziekte) en sommige stress is toxisch (zoals de herhaaldelijke blootstelling aan tegenslag waarbij de steun ontbreekt van een volwassene die het kind helpt om de emoties te coreguleren en te verwerken).

Bron van de afbeelding vind je hier.

De hersenen van kinderen die toxische stress ervaren, zoals trauma in de vroege kindertijd of ACEs, ontwikkelen zich anders waar het de neurofysiologie betreft; dingen die normaal of zelfs positief zijn voor de meeste kinderen, kunnen voor kinderen met trauma heel bedreigend overkomen. Belangrijke sociale signalen of aanwijzingen van klasgenoten of docenten worden door deze kinderen gemist of ze leggen ze verkeerd uit. Ze voelen zich misschien overweldigd, doordat hun brein steeds alert is op tekenen die erop wijzen dat een situatie onveilig en bedreigend is. Dit kan tot twee verschillende soorten reacties leiden: deze kinderen kunnen hyperactief of zelfs agressief worden (ze gaan in de vecht-of-vlucht-modus, of het kan lijken dat ze zich voegen naar de omstandigheden, dat ze min of meer verdoofd of zelfs dromerig ogen (ze gaan in de bevries-modus). Deze video toont hoe een kind dat toxische stress ervaart, onbewust de sociale signalen om zich heen als eng of bedreigend beleeft.

Volgens traumaspecialist Peter Levine kunnen kinderen die toxische stress en trauma ervaren, overprikkeldheid, spierspanning en vermoeidheid laten zien, slaapproblemen hebben of klachten over buikpijn, hoofdpijn of rugpijn. Kinderen kunnen ADHD-achtige symptomen vertonen, hyperactiviteit, rusteloze benen, opwinding, gebrek aan motivatie, onvermogen om taken af te ronden, onrust en gefriemel, wild heen en weer schietende ogen, ‘hoofd in de wolken’, wezenloos gestaar en nog veel meer. Ze kunnen vaker bij de schoolarts terechtkomen en vaker afwezig zijn.

Bessel van der Kolk, nog een traumaspecialist, verwoordt het als volgt: ‘Ondanks de goed gedocumenteerde effecten van boosheid, angst en onrust op de vaardigheid tot cognitief redeneren, negeren veel programma’s nog steeds de noodzaak om eerst het veiligheidssysteem van het brein op orde te krijgen, voordat er wordt gepoogd om een nieuwe manier van denken te realiseren. Het allerlaatste dat uit de curricula van scholen zou moeten worden geschrapt zijn muzieklessen, bewegingsonderwijs, pauzes en al het andere waarbij sprake is van lichaamsbeweging, spel en het met plezier met elkaar bezig zijn. Kinderen kunnen opstandig, defensief, verdoofd of woedend gedrag laten zien. Als leraar kun je daarvan vreselijk van slag raken en je kunt afkeer of weerzin voelen. Toch is het van belang te onderkennen dat zulk “wangedrag” vaak een herhaling is van gedragspatronen die ooit werden ontwikkeld om ernstige bedreigingen te overleven.’

Op welke gebieden richt zich een trauma-geïnformeerd onderwijssysteem?
Om te begrijpen hoe trauma-geïnformeerde model werkt, moet je bij het begin beginnen (bij wat er  in het brein gebeurt) en dan je weg omhoog vinden naar de culturele en humanistische effecten van deze benadering. In de kern is zo’n benadering gevuld met empathie en met het striven om onderwijs meer toegankelijk te maken voor die leerlingen voor wie aanpassing aan het huidige onderwijssysteem veel problemen geeft. Hoe kun je dit aanpakken?

Werk aan het leren begrijpen van de verschillende aspecten van trauma!
Trauma kan veel effecten hebben:

  • neurobiologisch (moeite hebben met de omgang met stressvolle, onvoorspelbare situaties en nieuwe mensen);
  • fysiek (vaker ziek zijn, overgewicht of obesitas hebben, te maken hebben met geestelijke gezondheidsproblematiek);
  • sociaal (niet in staat zijn om vriendschappen op te bouwen en in stand te houden, bijvoorbeeld omdat je gemarginaliseerd bent als gevolg van je etnische achtergrond of sociale klasse of je beperkte toegang tot gezondheidszorg en gezonde voeding);
  • psychologisch (het ontwikkelen van of te maken hebben met stressstoornissen, depressie en meer).

Werk aan een andere manier van vragen stellen!
In plaats van te vragen: “Wat is er aan de hand?”, kun je vragen: “Wat is er gebeurd?”
Veel trauma-geïnformeerde professionals en experts vragen “Wat heb je meegemaakt?” in plaats van “Wat mankeert je?” De eerste vraag is een uitnodiging aan de ander om een verhaal te vertellen, een levensverhaal waarin de nuances van de persoonlijke betekenisgeving centraal staan. De laatste vraag is meer oordelend van toon, meer beschuldigend van karakter. Deze laatste benadering zal waarschijnlijk alleen maar wéér pijn toevoegen aan het al bestaande trauma. Wanneer je in een volle klas vraagt: ‘Wat deed je daar?’ heeft de beschuldiging de overhand; dat veroorzaakt gevoelend van onzekerheid, stress en schuld in de leerling. Vragen ‘Wil je delen met de rest van de klas waar jullie het over hadden samen?’, zoals in het verhaal van afgelopen week, gaat vooral over beschuldigen en beschamen. Wanneer we dit mechanisme begrijpen, kunnen we ook gemakkelijker begrip opbrengen voor het feit dat mijn leerling naar mij uithaalde; ieder mens zal proberen om situaties te vermijden die bedreigend zijn en die schaamte of gedoe veroorzaken.

Werk aan de bewustwording omtrent je eigen aannames, je vooropgestelde overtuigingen of de stereotype visies die je misschien hebt!
Het dekoloniseren van de geest verandert levens, en kan helpen om een ‘cultuur van angst en mislukking’ te doorbreken, zoals Liz Dozier het in deze video noemt.

Foto door Megan Soule op Unsplash

Werk aan strategieën die meer empathie bevorderen!
Mensen worden geboren met een diepgewortelde vaardigheid tot empathie (de vaardigheid om te bedenken hoe het zou zijn als je in andermans schoenen stond) en deze vaardigheid kun je verder ontwikkelen door je empathie actief in te zetten. Een klas die is gestoeld op empathie helpt leerlingen elkaar te begrijpen en vriendschappen op te bouwen die op vertrouwen zijn gebaseerd. Het in de praktijk brengen van empathie kan ook jou als leraar helpen om meer empathie jegens jezelf te hebben, om te leren ontdekken door welke stressfactoren je zelf wordt getriggerd en om strategieën te ontwikkelen waarmee je jezelf tot rust kunt brengen op momenten waarop jij degene bent die even diep moet ademhalen.

Werk aan een humanistische benadering als middelpunt van alles wat je doet en van iedere strategie die je inzet in de klas!
Trauma-geïnformeerd werken betekent dat we angst en stress als een gedeelde menselijke ervaring leren zien. Vanuit dat perspectief kunnen we beter begrijpen wat trauma in essentie is (namelijk angst die je niet kunt uitschakelen). Veel trauma-geïnformeerde praktijken focussen op hoe je het zenuwstelsel kunt kalmeren. Door deze lens bezien kun je orde in de klas bereiken door pupillen te helpen om zich door de groep te laten coreguleren, in plaats van dat je ze apart zet voor het feit dat ze… mens zijn, menselijk in hun kwetsbaarheid of in hun ervaring van pijn en verbroken verbinding met zichzelf.

Werk met je leerlingen aan het opbouwen van veerkracht!
Stress is soms onvermijdelijk en trauma is iets wat in het leven van willekeurig welke leerling kan voorkomen. Veerkrachtige mensen hebben vaardigheden die hen de mogelijkheid bieden om met veelvoorkomende of meer zeldzame stressfactoren om te gaan en om van trauma te genezen. Soms gedijen ze zelfs geweldig goed ondanks de toxische stress en het trauma in hun leven. Als leraar ondersteun je sowieso al een aantal vaardigheden die helpen bij het opbouwen van veerkracht, zoals probleemoplossing, planning, hulp en steun zoeken van anderen, en de focus vasthouden. Je zou nóg meer voor je leerlingen kunnen doen door ze te helpen een gevoel van controle over hun leven te ontwikkelen (je kunt niet bepalen wat er in je leven gebeurt, maar je kunt wél (leren) bepalen hoe je erop reageert). Om een positieve levenshouding te aan te moedigen, kun je verhalen met hen delen over mensen die met trauma of tegenslag te maken hadden en over hoe ze daarmee omgingen en eroverheen kwamen. Je kunt ze mindfullnesstechnieken aanleren die bij hun leeftijd passen, zodat ze leren hoe ze zichzelf tot rust kunnen brengen. Je kunt hen aanmoedigen om een dagboek bij te houden als een manier om de stress omlaag te brengen en om grip te krijgen op hun eigen levensverhaal.

Komende week zullen we kijken naar trauma-geïnformeerd onderwijs vanuit het perspectief van de schoolomgeving en de bredere sociale gemeenschap. In Deel 1 en Deel 2 hebben we talloze informatiebronnen opgenomen en in het blog van volgende week, Deel 3, zullen we deze voor jullie verzamelen. Voel je vrij om je gedachten en ideeën over trauma-geïnformeerde zorg te delen op onze social media-accounts en om dit blog te delen met collega’s of andere geïnteresseerden!

Posted in Theorie.