Boekbespreking van ‘The Body Keeps the Score’ door Bessel van der Kolk, Deel 2 (English below)

Afgelopen week behandelden we Deel 1, 2 en 3 van het boek ‘The Body Keeps the Score’. In deze delen bespreekt Van der Kolk hoe de wetenschap trauma in medische diagnoses begon op te nemen, hoe neurologische beeldvormingstechnieken het mogelijk maakten om zicht te krijgen op de effecten van trauma op het zenuwstelsel, en wat de impact is van trauma en hechtingsstijlen op de wijze waarop we ons ontwikkelen naar volwassenheid.
Deze week duiken we dieper in hoe zich het geheugen vormt na blootstelling aan tegenslag of trauma, en op welke manieren mensen kunnen helen van trauma, zeker ook in relatie tot de ondertitel van Van der Kolks boek: ‘Mind, Brain en Body in the Transformation of Trauma’ (geest, brein en lijf in de transformatie van trauma).

Deel 4
Deel 4 gaat helemaal over de herinnering aan trauma. In dit deel illustreert Van der Kolk in detail hoe de samenleving aankijkt tegen de narratieve versus de traumavorm van herinneren vanaf de 19e eeuw. Hij legt het verschil uit tussen de twee vormen van herinneren. Enerzijds vertellen mensen het verhaal over de traumatische gebeurtenissen die ze hebben doorgemaakt (en dat vertellen kan moeilijk zijn, maar maakt het mogelijk om een nieuwe wending of betekenis aan de gebeurtenissen te geven, afhankelijk van de toehoorder). Anderzijds ervaren mensen de herbeleving (die zich herhaaldelijk voordoet en waarbij mensen het gevoel hebben vast te zitten in dat moment of die situatie). In het traumageheugen kunnen mensen dissociëren (het proces waarbij men mentaal vlucht of zich losmaakt van een ervaring of een herinnering) of een tweede zelf ontwikkelen (het verlies van de verbinding met het authentieke zelf). In essentie is het verschil tussen beide vormen dat het narratieve geheugen een gevoel van controle geeft over hoe het verhaal zich ontvouwt, terwijl het traumageheugen focust op de belichaamde ervaring, de fysiek geïnternaliseerde beleving van het gebeurde.
Samen met de analyse van deze concepten stipt de auteur het probleem aan van misdiagnose, waarbij hij als voorbeeld de diagnose ‘hysterie’ aanhaalt voor vrouwen in de 19e eeuw, die achteraf gezien duidelijk leden aan traumagerelateerde stoornissen. Hij benoemt bij herhaling het thema van weerstand en onwil in de samenleving als geheel om over trauma te spreken en, nog belangrijker, om te luisteren naar hen die trauma hebben overleefd.

Deze twee onderwerpen, (narratief en trauma-)geheugen en de tegenzin van de samenleving om over trauma te praten, zijn onderling met elkaar verbonden. Aan de ene kant streven slachtoffers ernaar om het trauma te vergeten, omdat het te pijnlijk is om je te realiseren dat andere mensen zo gewelddadig of onmenselijk kunnen zijn dat ze een ander trauma bezorgen, of dat de wereld zo chaotisch, beangstigend en wreed kan zijn. Het kan ertoe leiden dat je het fundament onder je bestaan gaat betwijfelen of het kan ervoor zorgen dat je meerdere persoonlijkheden of werkelijkheden creëert als een manier om om te gaan met het verlies van veiligheid en Sense of Coherence (SoC).
Aan de andere kant wil de samenleving als geheel trauma liever als de uitzondering zien en de rest van de wereld als veilig en goed geordend beschouwen, omdat de erkenning van trauma op de één of andere manier het bewijs levert van problematische sociaal-culturele praktijken. Het kan betekenen dat er in de status quo iets moet veranderen; dat is ongemakkelijk, want systemen streven naar continuïteit en stabiliteit, niet zozeer naar verandering. Deze twee houden elkaar gevangen: het individu vindt het moeilijk om het eigen verhaal te vertellen, omdat de samenleving moeite heeft dat verhaal aan te horen, en de samenleving vindt het moeilijk om trauma te erkennen, omdat het systeem moeite heeft zich aan te passen aan een nieuwe benadering of zelfs een heel nieuw paradigma. Tegen het einde van dit deel van het boek vinden we het onderstaande citaat, dat laat zien hoe deze twee onderwerpen verbonden zijn en hoe we naar herstel kunnen toewerken, het onderwerp van Deel 5 van het boek.

“Niemand wil zich trauma graag herinneren. In dat opzicht verschilt de samenleving als geheel niet van traumaslachtoffers. We willen allemaal leven in een wereld die veilig, hanteerbaar en voorspelbaar is en slachtoffers herinneren ons eraan dat dat niet altijd de realiteit is. Om trauma te begrijpen, moeten we onze natuurlijke tegenzin overwinnen om die werkelijkheid onder ogen te zien, en moeten we de moed ontwikkelen om naar de getuigenissen te luisteren van hen die trauma hebben overleefd.”

Rembrandt van Rijn: Christus geneest de zieken Gebaren van troost worden universeel herkend en laten de kracht zien van goed afgestemde aanraking.

Deel 5
Dit is één van de meest krachtige en optimistische delen van het boek. In de laatste acht hoofdstukken deelt Bessel van der Kolk zowel decennia aan onderzoek als zijn ervaringen in het werken met professionals van over de hele wereld in onderzoekssettings, buurt- en wijkcentra en schoolomgevingen. Hij beschrijft de mentaliteitsveranderingen, strategieën en methoden die hij als nuttig heeft ervaren voor de behandeling van trauma. Hij onderkent het feit dat de gewaarwordingen die je tijdens bepaalde gebeurtenissen hebt gevoeld en ervaren, worden opgeslagen in je lichaam, je geest en je ziel. Dat betekent dat je het verleden niet simpelweg kunt uitwissen, omdat er in je lichaamsgeheugen een opgeslagen herinnering leeft aan wat er is gebeurd. Dat betekent echter niet dat je geen vooruitgang kunt boeken in je genezing en dat het gevoel van angst, alertheid en verdwazing niet kunnen worden verminderd om ervoor te zorgen dat je niet voortdurend aan het trauma wordt herinnerd of daardoor gaat dissociëren. Hij bespreekt een aantal doelen die mensen zich kunnen stellen als ze onderweg zijn naar herstel, zoals het gebruik van kalmeringstechnieken en het leren om in het hier en nu aanwezig te zijn. Liefdevolle en veilige, goed afgestemde aanraking kan in dat proces een belangrijke rol spelen, omdat die helpt elkaars zenuwstelsel te coreguleren.

De hoofdstukken in Deel 5 zitten vol met ideeën waarmee mensen aan de slag kunnen om zich van hun trauma bewust te worden, hen te helpen dit in woorden tot uitdrukking te brengen, en hun lichaam te integreren in al het werk dat ze misschien doen voor hun geestelijke groei om het trauma op te lossen en daar uiteindelijk sterker en veerkrachtiger uit te komen.

Bessel van der Kolk

Nadere analyse
Eén van de sterkste punten van dit boek is dat het erin slaagt om de weg naar herstel te beschrijven zonder dat het goedkoop klinkt of vol clichés zit. Bessel van der Kolk’s schrijfstijl is vol compassie en toch fris en open door de inzichten die hij deelt vanuit zijn onderzoek en zijn ervaring, tot leven gebracht via de levensechte verhalen en dialoogfragmenten van zijn patiënten. Dit maakt dat je je als lezer kunt herkennen in het materiaal dat hij aanreikt en dat je je ertoe kunt verhouden. Daarbij is het schokkend om te beseffen met hoeveel lagen van trauma sommige mensen onder ogen moeten zien. Dit is bekrachtigend én het maakt je nederig.
Een ander sterk punt duikt op in Hoofdstuk 17, waar Van der Kolk uitlegt dat de geest de optelsom is van de ervaringen en gewaarwordingen die een mens opdoet. Wanneer men het eigen trauma wil genezen, of anderen wil helpen met het herstel van hun trauma, dan moet men in staat zijn de geest als een puzzel te zien, met alle verschillende lagen van complex trauma die zich daarin bevinden. Hij vertelt een fascinerend verhaal van Jane, die onbedwingbare driftbuien heeft en zich schuldig voelt over haar relaties met anderen. Pagina na pagina na pagina legt hij vast hoe hun sessies verlopen, waarbij hij gebruikmaakt van Internal Family Systems-therapie (IFS). Hij illustreert hiermee in onze beleving op perfecte wijze twee belangrijke dingen. Ten eerste laat hij zien dat genezing binnen de context van een groter systeem moet plaatsvinden en niet slechts in individuele mensen (wat een reductionistische benadering zou zijn). Ten tweede laat hij zien hoe complex trauma is, en dat het daarbij gaat om schaamte en schuld, om zelfkritiek en zelftwijfel. Dit gaat in tegen het vaak nog gangbare idee dat trauma een eenmalige gebeurtenis is die leidt tot een enkelvoudig, scherp afgebakend persoonlijk probleem dat door de persoon in kwestie zelf moet worden opgelost, een soort ‘leer er maar mee leven’-verhaal. Niet altijd is bekend hoe indringend en diepgaand de effecten van trauma zijn voor de totale mens, effecten op gedrag en gewoontes, op de wereldvisie en het sociale functioneren. Een zodanig veelzijdig probleem vereist dan ook een multidisciplinaire en onbekrompen attitude.

Samenvattend kunnen we zeggen dat ‘The Body Keeps the Score’ één van de meest invloedrijke boeken is op het gebied van trauma en psychologie en dat is zonder meer terecht. Van der Kolk legt vanuit diverse perspectieven de neuroendocrinologie van trauma uit en daarnaast de effecten van trauma niet alleen op het individu, maar op de samenleving als geheel. Hij neemt een kritisch standpunt in aangaande onderzoek en gangbare medische praktijken en werpt licht op de misdiagnoses en het gebrek aan traumadiagnose dat tot op de dag van vandaag bestaat op verschillende gebieden van trauma. In lijn met het bespreken van de rol van de samenleving ten aanzien van trauma biedt hij strategieën en therapieën om trauma te voorkomen en te genezen wanneer het zich toch voordoet.
Wat hij bepleit, is iets waar veel experts op het gebied van trauma voor opkomen: voor de mens, die is gemaakt voor sociale verbinding, zijn veilige relaties met anderen de sleutel tot het doorlopen van een herstelproces. Het vergt moed en compassievolle nieuwsgierigheid van zowel degene die de ervaringen doorleefde als degene die ‘holding space’ biedt (liefdevolle gespreksruimte) om als gemeenschap werkelijk te helen. Dit boek draagt op indrukwekkende wijze bij aan dat doel.

P.S. Dit boek is naar het Nederlands vertaald en heet dan ‘Traumasporen’; je vindt het op onze websitepagina bij ‘Meer informatie’, kopje ‘Boeken‘.

Posted in Boek- en filmbesprekingen.